Een gastopinie van: Yoeri Schoens.
In onze hedendaagse politiek worden de meeste mensen bedolven onder zogenaamde identificatietermen.
Deze termen zorgen ervoor dat alle politieke partijen een specifieke plek krijgen binnen ons politiek spectrum. Dit politieke spectrum wordt regelmatig weergegeven met de welbekende grafiek die twee verschillende assen bevat: van conservatief tot progressief en van links tot rechts. In onze hedendaagse politiek worden de meeste mensen bedolven onder zogenaamde identificatietermen.
Deze termen zorgen ervoor dat alle politieke partijen een specifieke plek krijgen binnen ons politiek spectrum. Dit politieke spectrum wordt regelmatig weergegeven met de welbekende grafiek die twee verschillende assen bevat: van conservatief tot progressief en van links tot rechts.
De traditionele politieke stromingen krijgen vorm vanaf de Franse Revolutie. De voor- en tegenstanders van de oude standensamenleving groepeerden zich op basis van hun ideologische overtuiging.
Zo vormden de Franse liberalen aanvankelijk een coalitie met de radicale republikeinen. Deze nieuwe groepen moesten allemaal een plek krijgen in de nieuwe Assemblée nationale: de Nationale Vergadering van revolutionair Frankrijk.
De voorstanders van de oude monarchie, antirevolutionairen en de geestelijken gingen samenwerken in een conservatieve alliantie, zij zaten aan de rechterzijde van de voorzitter.
De liberale alliantie nam plaats aan de linkerzijde van de voorzitter. Deze toenmalige verdeling van zitplaatsen houdt ruim 230 jaar later onze politiek nog steeds in een greep. Vrijwel alle partijen begeven zich binnen het politieke spectrum tussen de rechts-conservatieve en links-progressieve posities. Politieke partijen met een sterke rechts-progressieve of links-conservatieve houding bestaan in Nederland bijna niet.
Dit komt omdat mensen vandaag de dag onder andere de termen ‘conservatief’ en ‘rechts’ zien als één politieke aanduiding, terwijl dit twee verschillende begrippen zijn (dit geldt ook voor links en progressief).

Deze verwarring is een overblijfsel van de Franse Revolutie, waarbij de conservatieven aan de rechterzijde zaten, en de progressieven zetelden aan de linkerzijde van de voorzitter.
Maar wat betekenen deze termen dan wél? Tegenwoordig zijn de termen opgedeeld in twee verschillende groepen: rechts en links gaan over de rol van de overheid in de economie.
Progressief en conservatief gaan over alle andere thema’s die niet over geld gaan, zoals identiteit, migratie, Europa of klimaat.
Deze begrippen zijn veranderlijk. Zo worden tegenwoordig de liberale partijen niet meer per definitie aangeduid als progressief. Ondanks deze veranderlijkheid blijft de Nederlandse politiek vastzitten binnen deze identificatietermen.
Kiezers willen duidelijkheid en koppelen deze termen vaak aan een partij. Een rechts-conservatieve partij zal zich meer profileren op migratie en welvaart, terwijl een links-progressieve partij zich meer zal profileren op economische gelijkheid en klimaat.
Het zou beter zijn als de Nederlandse politiek deze termen zou loslaten, zodat sommige belangrijke maatschappelijke thema’s niet alleen toebehoren aan één bepaalde politieke stroming.
Waarom? Omdat deze termen tegenwoordig vaak onterecht worden gecombineerd en verward. Daardoor zitten partijen en kiezers vast in starre hokjes, terwijl deze begrippen verschillende domeinen beschrijven.
De samenleving verandert, terwijl het politieke kompas al decennia stilstaat.
Meer van Trias Politica? Check onze social mediakanalen!
